meta data voor deze pagina
Verschillen
Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.
| Beide kanten vorige revisieVorige revisieVolgende revisie | Vorige revisie | ||
| nl:settings:heatpump:configuration [2026/02/19 11:42] – [Configureer de Warmtepomp:] mario | nl:settings:heatpump:configuration [2026/02/19 11:54] (huidige) – [Apparaten Toevoegen:] mario | ||
|---|---|---|---|
| Regel 5: | Regel 5: | ||
| ==== Stap 1: Een Warmtepomp Aanmaken ==== | ==== Stap 1: Een Warmtepomp Aanmaken ==== | ||
| - | {{https:// | + | {{https:// |
| - | Vul de Gegevens van de Warmtepomp in: | + | **Vul de Gegevens van de Warmtepomp in:** |
| * Voer de **Naam** van de warmtepomp in het daarvoor bestemde invoerveld in. | * Voer de **Naam** van de warmtepomp in het daarvoor bestemde invoerveld in. | ||
| * Geef optioneel een **Beschrijving** op om het doel of de locatie van de warmtepomp te specificeren. | * Geef optioneel een **Beschrijving** op om het doel of de locatie van de warmtepomp te specificeren. | ||
| - | Configureer de Warmtepomp: | + | **Configureer de Warmtepomp:** |
| * Selecteer een Werkingsmodus uit het keuzemenu. Dit bepaalt hoe de warmtepomp zal functioneren (bijvoorbeeld Smart Grid Ready, Aan/ | * Selecteer een Werkingsmodus uit het keuzemenu. Dit bepaalt hoe de warmtepomp zal functioneren (bijvoorbeeld Smart Grid Ready, Aan/ | ||
| Regel 18: | Regel 18: | ||
| * Stel de Drempelwaarde Uit in. Dit definieert het vermogensniveau waarbij de warmtepomp gedeactiveerd moet worden. | * Stel de Drempelwaarde Uit in. Dit definieert het vermogensniveau waarbij de warmtepomp gedeactiveerd moet worden. | ||
| - | Voeg de Warmtepomp Toe: | + | **Voeg de Warmtepomp Toe:** |
| - | | + | |
| - | + | ||
| - | {{https:// | + | |
| - | + | ||
| - | + | ||
| - | + | ||
| - | + | ||
| - | === Vul de Gegevens van de Warmtepomp in: === | + | |
| - | + | ||
| - | | + | |
| - | * Geef optioneel een **Beschrijving** op om het doel of de locatie van de warmtepomp te specificeren. | + | |
| - | + | ||
| + | * Klik op de knop **Toevoegen** om de warmtepomp aan te maken. Zodra de warmtepomp is aangemaakt, opent het systeem automatisch het venster voor apparaten, zodat je apparaten aan de warmtepomp kunt koppelen. | ||
| Regel 38: | Regel 26: | ||
| === Apparaten Toevoegen: === | === Apparaten Toevoegen: === | ||
| + | |||
| + | {{https:// | ||
| Gebruik dit venster om apparaten aan de warmtepomp toe te voegen. Deze apparaten maken de besturing en monitoring van de warmtepomp mogelijk. | Gebruik dit venster om apparaten aan de warmtepomp toe te voegen. Deze apparaten maken de besturing en monitoring van de warmtepomp mogelijk. | ||
| - | Voor elk apparaat: | + | * Selecteer de **Apparaatmodus** |
| + | Energiemeter\\ | ||
| + | Enkel contact\\ | ||
| + | Twee contacten\\ | ||
| + | Enkel contact en energiemeter\\ | ||
| + | Alleen sensoren\\ | ||
| + | |||
| + | * **Configureer** de **instellingen van het apparaat**, zoals relaisindices of sensor-ID' | ||
| - | * Selecteer de Apparaatmodus (bijvoorbeeld Energiemeter, | + | Dit moet je uitvoeren voor elk apparaat. |
| - | * Configureer de instellingen van het apparaat, zoals relaisindices of sensor-ID' | + | |